zaterdag 28 december 2013

Jim Hall 1930 - 2013

Mooie blog van JazzWax* naar aanleiding van het overlijden van Jim Hall.


















*JazzWax, Marc Myers writes daily on jazz legends and legendary jazz recordings

vrijdag 27 december 2013

Frank Wess 1922 - 2013

Frank Wess was een groot musicus, tenorsaxofonist  en fluitist. Hij was er een van de oude school in de jazz, de school waar een gevoel voor hartverwarmende swing het belangrijkste was. 'Wanneer je de maat met je voet niet kunt meetikken of er niet op kunt dansen, kun je net zo goed taxichauffeur worden, vertelde hij in een interview in 2005. 'Want daar alleen gaat het om.' De bittere ironie van deze uitspraak ligt in het gegeven, dat Frank Wess op 30 oktober 2013 in een taxi stierf, terwijl hij op weg was naar de nierdialyse. Hij werd 91 jaar.
























De bigband van Count Basie was een van de weinige orkesten die vanaf het begin van de dertiger jaren vorige eeuw tot in de zeventiger jaren jazz van hoge kwaliteit leverde. Veel van dat succes was terug te voeren op de grote talenten, zangers, instrumentalisten en arrangeurs die deel uitmaakten van de Count Basie. Frank Wess was degene die de saxofoonsectie van de Basieband in de jaren vijftig en zestig leidde. Daarnaast was hij een pionier. Hij was een van de eerste die de dwarsfluit een duidelijke plaats in het jazzgebeuren gaf. Frank Wellington Wess werd op 4 januari 1922 in Kansas City geboren en leefde tot  zijn dertiende levensjaar in Sapulpa, Oklahoma. Zijn vader was hoofdonderwijzer. Het was zijn moeder die Frank aanmoedigde om muziek te gaan studeren. Ze nam hem mee naar concerten van de klassieke tenor Roland Hayes en naar de blueszangere Ida Cox. Toen Wess tien jaar werd, kreeg hij zijn eerste saxofoon.

Frank Wess begon zijn loopbaan in Washington, toen hij in 1935 naar die stad verhuisde. Hij stopte tijdelijk met spelen, tot hij een groep studenten hoorde jammen tijdens de lunch op Dunbar high School. Een van die studenten was Billy Taylor. Taylor switchte van saxofoon naar piano toen hij Frank Wess hoorde spelen. 'Wess was toen nog een tiener, maar hij was al een opmerkelijke solist, volgens Eaylor in een intervieuw in 2008. Zowel Billy Taylor als Frank Wess studeerden in Washington bij Henry Grant, dezelfde leraar die zoveel invloed had op de jonge Duke Ellington. In zijn jonge jaren studeerde Frank Wess klassieke muziek. Zijn ervaring met jazz deed hij op in de nachtclubs van Washington, zoals de Club Bali, Republic Gardens, Crystal Caverns en Club Bengasi.
'Jazz moest je op straat leren. Speelde je jazz op het conservatorium, dan werd je er uit gegooid.' Zijn grote voorbeeld in die jaren was tenosaxofonist Lester Young.

De eerste professionele band van enige importantie was de formatie van Blanche Calloway, zuster van de bekende bandleider Cab Calloway. Daarnaast bleef Wess studeren. Tijdens de Tweede Wereldoorlog gaf hij- als twintigjarige- leiding aan een zeventienkoppig legerorkest- The 5th Armyband- die voor de troepen optrad. Ook was hij soloklarinettist in deze formatie. "We werden in 1942 naar Afrika gestuurd,'' herinnerde hij zich in een interview in 2005. "Toen we daar aankwamen was ons eerste optreden voor de Amerikanen, de Duitsers en de Engelsen. Kun je je het voorstellen? Ze dansten allemaal samen."

Zijn loopbaan kreeg verder vorm bij de bigband van zanger Billy Eckstine in het midden van de veertiger jaren, een bigband die toentertijd talenten als zangeres Sarah Vaughan, de trompettisten Dizzy Gillespie, Miles Davis en Fats Navarro, saxofonisten Charlie Parker en Dexter Gordon plus drummer Art Blakey in haar gelederen had. Na de band van Billy Eckstine vestigde Wess zich in Washington in 1949. Ondertussen speelde hij bij de bands van Lucky Millinder, Eddie Heywood
en de rhytm and blues formatie van Bull Moose Jackson. Met behulp van de G.I. Bill, die hij van zijn militaire dienst periode overhield, studeerde fluit bij Wallace Mann van het Nationaal Symfonie Orkest en rond zijn conservatoriumstudie af. Toen begon Count Basie te bellen en wist Wess geleidelijk over te halen om in 1953 tot diens bigband toe te treden. Frank Wess trad toe tot een versie vande Count Basie band  die The New Testament versie van de Basieband werd genoemd. Wess recruteerde toptalenten zoals trompettist/arrangeur Thad Jones, saxofonist Eric Dixon, bassist Eddie Jones en trombonist Bill Hughes voor de band. Het was de naoorlogse versie van de Count Basie band, met als hoogtepunt  de plaat 'The Atomic Mr. Basie uit 1957.

Het was Count Basie die Frank Wess overhaalde om te soleren op de fluit. Zijn solo´s op fluit in ´Cute´en andere nummers van de Basieband, gaven de band niet alleen een andere instrumentaal geluid, maar hadden invloed op het hele jazzgebeuren in die periode.  In zijn elf jaar bij de Count Basie bigband leverde Wess bijdragen aan jazzklassiekers als “April in Paris” uit 1955 en “Atomic Mr. Basie” uit 1957.  Wess' compositie Segue in C  was jarenlang een van de repertoirnummers. Een van de meest memorabale momenten van de band uit die periode is de soepel swingende solo op “Corner Pocket”. Jarenlang speelde Frank Wess samen met tenorsaxofonist Frank Foster. Foster zou later The Count Basie band leiden, na de dood van Count Basie. Foster en Wess vormden een duo dat complementair was, Frank Foster met zijn agressieve en door de bebop geïnspireerde stijl, Frank Wess met zijn elegantere, lyrische en meer ontspannen stijl. Zij bepaalden veel van het klankbeeld van de Basieband in de vijftiger en zestiger jaren. Hun- vriendschappelijke-   tenorbattles waren zo bepalend voor de optredens van de Basieband dat deze arrangeur/componist Neal Hefti inspireerden tot  "Two Franks".

Frank Wess verliet Count Basie in 1964 en verhuisde naar New York, waar hij werk vond bij de band van trompettist Clark Terry. Ook speelde hij in New York Jazz Quartet, samen met pianist Roland Hanna. Daarnaast had hij groepen onder eigen  naam. deed hij veel werk, o.a. The Sammy Davis Show en The Dick Cavett Show, in opnamestudio's en in begeleidingsorkesten van Broadwayshows. In 1980 formeerde hij met Frank Foster een kwintet, Two Franks, dat meer dan twintig jaar samen speelde. Daarnaast leidde Wess een big band met veel bekenden uit de Basie band, zoals trompettist Harry Edison, trombonist Benny Powell en saxofonist Billy Mitchell. Met deze bigband toerde hij o.m. door Japan. Als begeleider werd hij gevraagd voor Sarah Vaughan, Frank Sinatra en Anita O'Day. In de tachtiger jaren werkte hij regelmatig met de Toshiko Akayoshi big band en een band die het repertoire van Tadd Dameron speelde, Dameronia. Hij bracht verscheidene platen onder eigen naam uit, de laatste Magic 101 in 2013, samen met pianist Kenny Barron. "Rustig gaan leven? Hoezo? Ik heb mijn hele leven nooit iets anders gedaan, "verklaarde hij in een interview.

Bijdrage: C.P. Vincentius

vrijdag 6 december 2013

CD: Nueva Manteca - 25 years

Als je succesvolle Nederlandse exportproducten op moet noemen zullen niet heel veel Nederlanders direct aan Nueva Manteca denken. Onterecht! De Nederlandse band is bij Latin-jazz kenners over heel de wereld een begrip. Ter ere van het 25 jarig bestaan  van de band brengen ze een live cd uit. Of eigenlijk twee, één cd met een opname van het radioprogramma Tros Sesjun, opgenomen in 1994 in het befaamde Nick Vollebregt's Jazzcafé in Laren. De tweede cd is eerder dit jaar opgenomen in het Bimhuis in Amsterdam.


















Live is Nueva Manteca op haar best. Dat blijkt uit deze twee cd's, maar ook uit het feit dat ze zeer gewild zijn voor optredens in het buitenland, de band speelde in nationale- en internationale theaters, clubs en op vele festivals wereldwijd. De bezetting is door de jaren veranderd en werd de elektrische gitaar toegevoegd. Wat bleef wat het enthousiasme en speelplezier. Een genot om naar te kijken, en op deze cd's te luisteren.

Bij de live opnamen uit het Bimhuis ligt de nadruk op de muziek van Carlos Santana en is er een heerlijke uitvoering van het door Marcus Miller voor Miles Davis geschreven: Tutu. De opnamen uit 1994 van Tros Sesjun komen iets meer uit de jazzhoek met nummers van onder andere George Gerswhin, Victor Feldman en Chick Corea. Verder een swingende latin uitvoering van Arthur Schwartz's 'You and the night and the music'. Zo wil je elke 'night' wel je 'music'!

Beide cd's geven een uitstekende indruk van energie, inventiviteit, creativiteit en muzikale wilskracht die Nueva Manteca bezit! Kijk voor meer informatie over de band, optredens en de cd op de website van JWA Jazz & Worldmusic Agency

zondag 1 december 2013

Chico Hamilton 1931 - 2013

Op 25 november 2013 overleed drummer Chico Hamilton, een bandleider die vooral in de cooljazz een wezenlijk bijdrage heeft geleverd. Hij werd 92 jaar.
Als bandleider naam hij meer dan zestig platen op en verscheen hij in films en schreef mee aan filmscores. In oktober 2013 voltooide hij zijn laataste cd "Inquiring Minds" met zijn Euphoria ensemble. Deze cd zal in het volgend voorjaar officieel worden uitgebracht. Hamilton had een goed oor voor aankomend talent. Latere topartiesten zoals de gitaristen Jim Hall,Gabor Szabo en Larry Coryell, de saxofonisten Eric Dolphy en Charles Lloyd en bassist Ron Carter maakten deel uit van de diverse formaties onder zijn leiding.





















Het zat er al vroeg in bij Chico Hamilton. Hij werd 1921 geboren in Los Angeles. De highschoolband waarin hij speelde had onder meer de saxofonisten Dexter Gordon, Illinois Jacquet, Buddy Colette, trompettist Ernie Royal en bassist Charles Mingus in de gelederen. Daar kreeg hij ook de bijnaam Chico, in verband met zijn geringe grootte.  In de jaren veertig werkte hij bij Slim Gaillard, met wie hij ook zijn eerste plaatopnamen maakte. In die periode was hij de vaste drummer in de club van Billy Berg's in Los Angeles. Al vroeg in zijn loopbaan was hij betrokkken bij het fenomeen film. Zo trad hij op in de film 'You'll Never Get Rich' uit 1941, als lid van de begeleidingsband van Fred Astaire. Hij leverde ook een bijdrage aan de soundtrack van de Bing Crosby en Bob Hope film 'Road to Bali'. Van 1942 tot 1946 was hij in militaire dienst. Andere werkgevers na die periode waren onder meer Jimmy Mundy, Slim & Slam, T-Bone Walker,  Duke Ellington, Charlie Barnet, Billy Eckstine, Nat King Cole, Sammy Davis Jr., Lionel Hampton en Count Basie. Hij speelde mee bij Billie Holiday tijdens haar Carnegie Hall Concert en op de LP Lady Sings the Blues, beide in 1956. Ook werkte hij in 1946 voor een korte periode bij Lester Young. Van 1948 tot 1955 toerde hij als begeleider van zangeres Lena Horne. Tussen de toernees door deed hij studiowerk en speeelde in diverse bands in Los Angeles.
Zodoende kwam hij in 1952 in contact met baritonsaxofonist Gerry Mulligan. Hamilton's subtiele en creatieve drumstijl  vormde de basis voor Mulligan's vernieuwende pianoloze kwartet met trompettist Chet Baker. Dit kwartet was de toetsteen en de mijlpaal voor de zachtaardige en lyrische West Coastjazz. Het spel van Chico Hamilton contrasteerde wezenlijk van de harde en agressieve hard-bopstijl van EastCoast drummer Art Blakey.

Voor veel jonge drummers vormde Hamilton een inspiratiebron, zoals voor Charlie Watts, de drummer van The Rolling Stones. Toen deze een opname van het Gerry Mulligan Quartet hoorde, was hij verkocht. 'Chico Hamilton speelde op de eerste plaat die ik kocht. Ik kan eigenlijk niet precies aangeven, hoe die stijl me aansprak. Misschien lag het in de manier waarop de brushes werden gebruikt,' verklaarde Charlie Watts tijdens een interview voor de de documentaire "Chico Hamilton: Dancing to a Different Drummer". Charlie Watts trad ook als gastmusicus aan op Chico Hamilton's cd 'Forestorn' uit 2001.

Zijn loopbaan als bandleider begonn  Chico Hamilton in 1955. Hij nam zijn eerste langspeelplaat op voor het label Pacific Jazz, met bassist George Duvivier en gitarist Howard Roberts. Opmerkelijk was dat de drie musici eerder als elkaar aanvullende solisten dan als ritmesectie speelden. Later in hetzelfde jaar formeerde Hamilton een ongebruikelijk geïnstrumenteerd kwintet dat kamermuziekjazz speelde. Deze band, met cellist Fred Katz, fluitist Buddy Collette, bassist Carson Smith en gitarist Hall, werd een van de meest invloedrijke formaties van de West Coast Jazz. In 1957 maakte de groep, intussen met fluitist Paul Horn en gitarist John Pisano, een gastoptreden in de film "Sweet Smell of Success," met Hollywoodsterren Burt Lancaster en Tony Curtis. De band verzorgde een bijzonder mooi optreden, dit keer met Eric Dolphy op fluit, in de Newport Jazz Festival documentaire "Jazz on a Summer's Day" uit 1960. In 1961 speelde Charles Lloyd tenorsax en was de gitarist van het kwintet Gabor Szabo. Toen veranderde Hamilton de succesformule en verving hij de cello door een trombone. Het totaalgeluid van de band werd hierdoor meer bluesy en en tendeerde richting hardbop. Met deze formatie maakte Chico Hamilton opnamen voor de labels Impulse, Columbia en Soul Jazz. Naast de band en de optredens vormde Hamilton in het midden van de zestiger jaren een bedrijf dat muziek voor films en commercials produceerde. Zo schreef hij in 1967 de muziek voor de eerste Engelstalige film van Roman Polanski,"Repulsion." Ook componeerde hij de herkenningsmelodie van de TV-serie "The Gerald McBoing-Boing Show."

Door de jaren heen had Hamilton diverse successen die het goed deden op de dansvloer zoals zijn herkenningsmelodie "Conquistadors" van het Impulse album El Chico uit 1960 en het Braziliaans getinte "Strut" van het Elektra album Nomad uit 1980. Deze waren indertijd vooral in Engeland populair.
Hij bleef in die periode diverse groepen leiden en speelde muziek die, dan weer naar avant garde, dan weer naar hardbop, dan weer naar fusion neigde. Daarbij bleef hij jong talent ontdekken en stimuleren, Larry Coryell, Steve Potts, Arthur Blythe, en Steve Turre (verrassenderwijs op bas) vonden mede  door Chico Hamilton hun plaats aan het jazzfirnament.

In 1987 was Hamilton een van de oprichters van de jazzfaculteit van New School University. Tot zijn studenten behoorden John Popper van de groep Blues Traveler en Eric Schenkman van The Spin Doctors. Ook formeerde hij in 1987 een nieuw band die hij  Euphoria noemde.
Hij ondernaam lange toernees en maakte opnames voor het onafhankelijke label Joyous Shout!, onder nadere vier platen om in 2006 zijn 85ste verjaardag te vieren. Zelf zei Hamilton in 2009 in een interview: 'Ik heb de drums altijd als een melodisch instrument gezien, niet als een percussief. Ik heb van dat idee uitgaande mijn stijl ontwikkeld. Misschien geen harde, maar wel de mijne.'


Bijdrage: C.P. Vincentius